donderdag 28 november 2013

Malcolm McEachern (Vocalion)


Malcolm McEachern (Albury, 01.04.1883 - Londen, 17.01.1945): Australische bas, geboren in een gezin met 13 kinderen. In 1916 trouwde hij met Hazel Hogarth Doyle, een pianiste, die ook later als zijn begeleider optrad. 
Tijdens de eerste wereldoorlog ging hij op tournee door Australië met het gezelschap van de sopraan Nellie Melba. Van 1918-1920 gingen de McEacherns op tournee door Azië en Noord-Amerika. In 1921 ging hij met z'n vrouw naar Engeland, waar hij werd geprezen als een van de beste basstemmen van de wereld. Hij zong onder dirigenten als Sir Henry Wood en Sir John Barbirolli, legde zich hoofdzakelijk toe op oratoria, maar zong ook in de Savoy operettes van Gilbert & Sullivan.
In 1926 vormde hij een komisch muziekduo met Bentley Collingwood Hilliam (1890-1968), een pianist van Yorkshire. Hun act werd een groot succes en ze werden beroemd als Mr. Flotsam and Mr. Jetsam. Hij stierf aan de gevolgen van een operatie, nadat slokdarmkanker was gediagnosticeerd.
Hij nam in totaal 187 platen op, w.o. opera, operette, oratoria, liederen en populaire liedjes: 88 voor Vocalion (1921-1927) en 99 voor Columbia, w.o. 53 Flotsam and Jetsam duetten (1927-1941).

A. Flegier: Le cor (the hunting horn)    3:57 
Malcolm McEachern, bas (+ Aeolian Orchestra)
78t 30 cm: Aeolian Vocalion C-01019  02385

Download mp3

maandag 25 november 2013

Carl Burrian: G&T 1906


Carl Burrian (ook bekend als Karel Burian) (Rousinov, 12.01.1870 - Senomaty, 25.09.1924): Tsjechische tenor. Zijn oudere broer Emil Burian was bariton, zijn oom Emil Frantisek Burian was componist. Studeerde aanvankelijk rechten, maar op aanraden van een professor switchte hij naar de zang. Had achtereenvolgens les van Franz Pivoda (Praag), en van Felix von Kraus (München)
1891: debuut in Brno
1892-1893: Reval (het huidige Tallinn)
1893-1894: Aken, zong wereldpremière van Aglaja, de eerste opera van Leo Blech.
1894-1896: Keulen. Zong in 1895 de wereldpremière van Sjula (Karl von Kaskel) en in 1896 van Elsie, die seltsame Magd (Arnold Mendelssohn)
1896-1898: Staatsoper Hannover
1898-1901: Staatsoper Hamburg
1898-1899: ook Staatsoper Berlin
1899-1902: Praag
1902-1911: Semperoper Dresden. Zong in 1905 de wereldpremière van Salome (R. Strauss)
1906-1913: Metropolitan New York
Was met name beroemd als heldentenor in zware Wagner-rollen.O.a. gastrollen in Wenen, Covent Garden (Londen, vanaf 1904), Budapest
1908: enige keer opgetreden in Bayreuth (als Parsifal)
In 1920 dronk hij per ongeluk bleekwater (hij dacht dat het mineraalwater was) en verbrandde keel en strottenhoofd. Zijn stem herstelde maar ten dele. Zijn laatste optredens waren in het Nationaal Theater van Praag in 1922.
Hij was getrouwd met de sopraan Franziska Telinók, die ook bij de opera van Dresden onder contract stond. 
Lees een uitgebreide biografie op Wikipedia.
Hij nam platen op voor G&T / Gramophone tussen 1906 en 1911 (70 titels), ca. 1913 voor Pathé (6 titels)  en 1 opname voor Parlophon in 1913.

Bruno Seidler-Winkler (Berlijn, 18.01.1880 - 19.10.1960): Duits dirigent, pianist en arrangeur. Hij was van 1903-1923 muzikaal directeur van de Deutsche Grammophon. Dirigeerde opnamen van operagezelschappen uit Berlijn, Dresden, München en Wenen. Nam in 1908 de eerste complete Carmen op onder zijn leiding, met Emmy Destinn in de hoofdrol. Dirigeerde in 1923 de eerste complete opname van de 9e symfonie van Beethoven. Daarbuiten was hij van 1903-1932 actief als dirigent:
1923-1925: Chicago
1926-1932: Radio Symfonie-orkest van Funk-Stunde Berlin
Verder was hij op veel opnamen, en bij tournees, actief als pianobegeleider. Als arrangeur werkte hij in de jaren '30 o.a. voor de Comedian Harmonists. Lees meer over hem op Wikipedia.

We horen een G&T-opname met een Tsjechisch lied uit Carl's eerste opnamesessie uit juni 1906. Op het label staat dat de orkestbegeleiding in handen is van Bruno Seidler-Winkler, maar we horen Bruno als pianist, er is op de opname geen orkest te bekennen.


Carl Burrian / Karel Burian

Nestastný safarno dvorecek    2:04
Carl Burrian, tenor, Kgl. Sächs. Kammersänger
Bruno Seidler-Winkler, piano
78t 25 cm: G&T GC-72210  1340r
Opname juni 1906, Berlijn

Download mp3

vrijdag 22 november 2013

Alma Gluck, Louise Homer (HMV, 1914)


Uit de tijd dat draaitafels ook grote prachtige meubels waren, dat bontmantels niet tot oproer en afschuw leidden en dat hoeden dragen niet beperkt was tot koninginnedag... 
   Met de bovenste deurtjes van de grammofoon kon je het geluidsvolume regelen, achter de onderste deurtjes was ruimte voor het bewaren van de 78t.platen. En om het zware meubel makkelijk te kunnen verplaatsen waren er wieltjes onder gemaakt. Prachtige foto!

Alma Gluck (Iasi, 11.05.1884 - New York, 27.10.1938): In Roemenië geboren sopraan van Joodse afkomst, eigenlijke naam Reba Feinsohn. In 1890 verhuisde het gezin naar Amerika. Ze had 3 jaar les van Arturo Buzzi-Peccia, die voor haar een contract bij de Metropolitan wist te bewerkstelligen. Daar bleef ze 3 jaar, maar koos toen door te gaan als concertzangeres. Alma studeerde daarna achtereenvolgens bij Jean de Reszke en Marcella Sembrich. 
Ze had een buitengewoon succesvolle carrière als zangeres, zowel in de concertzaal als op de plaat. Ook samen met haar man, de violist Efrem Zimbalist, nam ze platen op, tot haar stem rond ca. 1920 achteruit ging. Haar plaat "Carry me back to Old Virginny" verkocht, als eerste Victor Red Seal plaat, meer dan een miljoen exemplaren.
Haar dochter Abigail was de beroemde schrijfster Marcia Davenport. Haar zoon Efrem Zimbalist Jr. werd een beroemd acteur, schrijver en regisseur.

Louise Homer (Pittsburg, Pennsylvania, 30.04.1871 - Winter Park, Florida, 06.05.1947): eigenlijke naam Louise Dilworth Beatty. Amerikaanse alt. Opgeleid in Philadelphia, Boston en in Parijs bij Fidèle König en Paul Lhérie. Operadebuut in Vichy, Frankrijk, in 1898. Zong aansluitend in Covent Garden, Londen.
1899: Munttheater, Brussel
1900: Amerikaanse terugkeer en Amerikaans debuut in San Francisco.
1900-1919 en 1927-1929: Metropolitan Opera
Louise zong ook aan de opera's van Boston, Chicago (1920-1925) en in Californië. 
In 1930 trok ze zich terug van de concertpodia.
Ze was getrouwd met de componist Sidney Homer (1864-1953). De componist Samuel Barber was haar neef. Lees meer over deze prachtige alt op Wikipedia.


1  Joseph Ascher: Life's dream is o'er    2:16
2  Jacques Offenbach: "Les contes d'Hoffmann": Barcarolle    2:49
Alma Gluck, sopraan; Louise Homer, alt (+ orkest)
78t 25 cm: HMV DA 453   2-4247 / 7-34003   A14845-4 / A14846-4
Opname 21.05.1914

Download mp3

maandag 18 november 2013

Franz Naval, tenor (G&T, 1901)


Franz Naval (Ljubljana, 20.10.1865 - Wenen, 09.08.1939), Sloveense lyrische tenor, eigenlijke naam Franz Pogacnik. Studeerde bij A. Nedred (Ljubljana) en Joseph Gänsbacher (Wenen).
1888-1895: Stadttheater Frankfurt (Oder)
1895-1898: Berliner Hofoper
1898-1902: Hofoper Wien, verdween na een conflict met Gustav Mahler.
1900: gastrol aan Grand Opéra, Parijs
1903-1904: Metropolitan Opera (m.n. Frans repertoire)
1903-1908: opnieuw Hofoper Berlijn, had vooral succes als partner van de Amerikaanse sopraan Geraldine Farrar
1908: Berliner Komische Oper
Na beëindiging van zijn actieve zangersloopbaan gaf hij zangles in Wenen.
Hij nam platen op voor Berliner, G&T (1900-1905) en vooral  Odeon (1906-1910).

Het lied Ouvre tes yeux bleus van Massenet is hier of getransponeerd, of anders is de plaat veel te snel opgenomen. Ik heb de snelheid teruggebracht tot de gangbare toon waarin het lied gespeeld wordt, maar de stem klinkt nu bijna als een bariton.

Jules Massenet: Ouvre tes yeux bleus    2:39
Franz Nahal, tenor (+ piano)
78t 25 cm: G&T GC-32109  219x
Opname Wenen, oktober 1901
Download mp3

zondag 10 november 2013

Ernestine Schumann-Heink 2: Bizet - Agnus Dei (1913)


Ernestine Schumann-Heink (Liben [bij Praag], 15.06.1861 - Hollywood, 17.11.1936): Oostenrijkse alt, eigenlijke naam Ernestine (Tini) Rössler, geboren in de Bohemen (nu Tsjechië). Had zangles van Marietta von LeClair (in Graz). Debuteerde in 1877 in de 9e symfonie van Beethoven in Graz, en had in 1878 haar operadebuut onder de naam Tini Rössler in "Il trovatorein Dresden, waar ze 4 jaar bleef en ook studeerde bij Karl Krebs en Franz Wüllner. In 1882 kreeg ze in  Hamburg een 10-jarig contract na enkele keren een zieke Marie Goetze te hebben vervangen. Ze zou er 16 jaar blijven. In 1892 zong ze in Covent Garden o.l.v. Gustav Mahler een Ring cyclus. Zong van 1896-1914 bij de Festspiele in Bayreuth. In 1898 zong ze voor het eerst in Amerika (Chicago) en zong 3 seizoenen bij de Metropolitan. Ze ontwikkelde zich als een buitengewoon succesvol concert- en recitalzangeres. Ook zong ze in operettes. 
Ze verloor tijdens de beurskrach van 1929 haar vermogen en werd daardoor gedwongen om door te zingen, ook al was ze 69. Haar laatste optreden in de Metropolitan was als Erda in Der Ring des Nibelungen, op haar 71ste!
in 1926 zong ze Silent night (in Engels en Duits) voor de radio en dat werd een jaarlijks terugkerende traditie tot/met kerst 1935. In 1935 maakte ze een film Here's to romance met Nino Martini. Ze stierf in 1936 aan leukemie.
Ernestine Schumann-Heink heeft veel opgenomen: in 1901 en 1903 nam ze Mapleson-rollen op, en 78t.platen voor Columbia (1903), HMV en van 1905-1931 voor Victor.

In deze post het bekende Agnus Dei van Bizet. De plaat is van een liefhebber geweest, want hij is veel gedraaid. Met name in het begin is de plaat beschadigd, ook in de harde passages hoor je dat de groeven uitgesleten zijn. Ernestine was 51 toen ze deze opname maakte, en haar stem klinkt nog heel mooi vind ik.

Georges Bizet: Agnus Dei    3:54 
Ernestine Schumann-Heink, alt 
Katharina Hoffman, piano, + orkest
78t 30 cm: HMV 2-053158   A12803
Opname Camden, New Jersey 16.01.1913

Download mp3

donderdag 7 november 2013

Hendrik Appels (Special, 1930)


Hendrik Appels (Amsterdam, 22.01.1886 - Berlijn, 22.09.1947): Oefende aanvankelijk het beroep van tandtechnicus uit. Studeerde zang in Berlijn. 
Debuteerde in 1925 aan de Komische Oper Berlin. 
1920: Appels speelde de rol van Karl XII, Koning van Zweden, in de film Der galante König, August den Starke (regisseur: Alfred Halm).
1920: Debuut in Stadttheater Freiburg
1925-1928: Bayerische Staatsoper, München
Succesvolle gastrollen in Wenen (Staatsoper), Amsterdam en Den Haag.
1930: korte rol in de film "Brand in der Oper" , waar Appels te zien en te horen is.
1930-1934: Stadttheater Kiel
1935-1939: Stadttheater Dortmund
1939-1944: Mecklenburgischen Landestheater in Neustreilitz.
Vestigde zich daarna als zangleraar in Berlijn.
Maakte opnamen op Vox, Brillant,  Tri-Ergon, Special, Clangor en Kristal.

Hendrik Appels als Mathias in Der Evangelimann

1   Richard Wagner - "Rienzi": Allmächtige Vater    4:01
2  Wilhelm Kienzl - "Der Evangelimann": 
     Selig sind, die Verfolgung leiden           3:04
Hendrik Appels, tenor (+ orkest)
78t 30 cm: Special 21  3111 / 3445
Opname 1930

Download mp3

zaterdag 2 november 2013

Emmy Bettendorf (Homocord 1923; Parlophon 1928)


Emmy Bettendorf (Frankfurt am Main, 16.07.1895 - Berlijn, 20.10.1963): opgeleid in Frankfurt. Debuut in 1914 aan de Opera van Frankfurt am Main in "Das Nachtlager von Granada". 
1914-1916: Opera van Frankfurt am Main
1916-1920: Schwerin
1020-1924: Berliner Staatsoper
1924-1928: Städtische Oper Berlin
Gastrollen in Nederland, Madrid, Barcelona en Duitse operatheaters.
Na een ziekte in 1928 gaf ze haar operacarrière op, zong nog wel concerten tot 1934, maar zong met name voor de grammofoonplaat. Ze was een van de meest succesvolle plaatartiesten van de jaren '30 en nam meer dan 300 platen op voor de labels Polydor, Parlophon, Vox, Homocord en Odeon in de periode 1921-1933 en 1937.
1930: te zien in de film "Liebeswalzer".
Ze trouwde in 1931 en woonde sindsdien in Oostenrijk. Na de dood van haar man in 1938 moest ze vanwege financiële problemen opnieuw concerten geven. Ze zong tijdens de 2e wereldoorlog voor Duitse troepen in Polen, Rusland, Griekenland en Albanië. Van het verdiende geld hield ze een Fremdenpension in Garmisch. De bas Michael Bohnen haalde haar naar Berlijn om les te geven aan de Musikhochschule en Konservatorium Berlin, wat ze deed tot 1952.


1  Franz Schubert: Ave Maria    3:04
2  Giuseppe Giordano: Caro mio ben    3:43
    Emmy Bettendorf, sopraan
    Max Saal, harp; Carl Stabernack, Mustel-Harmonium
    78t 30 cm: Homocord B 8327   51295/6
    Opname 08-12-1923

3  Eugen Hildach: Der Spielmann    3:49

4  Wolfgang Amadeus Mozart: Abendempfindung    3:52
    Emmy Bettendorf, sopraan    Orkest o.l.v. Otto Dobrindt
    78t 30 cm: Parlophon P.9225   20606/8
    Opname 10-02-1928

Download mp3