zaterdag 26 december 2015

Margarete Matzenauer: Wagner (Victrola, 1912)

Margarete Matzenauer als Kundry

Margarete Matzenauer (Temesvár, 01.06.1881 - Van Nuys (Los Angeles), 19.05.1963): geboren in Temesvár (vroeger Oostenrijk-Hongarije, nu Roemenië). Haar vader was dirigent, haar moeder operazangeres. Haar stem had een groot bereik: ze kon zowel alt- als dramatische sopraanrollen aan.
Studeerde in Graz bij Georgine von Januschowsky, in Berlijn bij Antonia Mielke en Franz Emmerich en in München bij Ernst Preuse, met wie ze in 1902 trouwde.
1901: debuut als Puck (Oberon, Weber) in Stadttheater, Strassburg
1901-1904: Stadttheater Strassburg
190-1911: Hofoper München, waar ze zong onder de naam Margarethe Preuse-Matzenauer.
Gastrollen aan de Wiener Hofoper in 1906, 1909 en 1911.
1911: zong in het BVayreuth Festival. Debuteerde op 13 november in de Metropolitan als Amneris (Aïda, Verdi) in een cast met Emmy Destinn en Enrico Caruso. Toscanini dirigeerde. Enkele dagen later zong ze in Tristan und Isolde (Wagner).
1911-1917: huwelijk met de tenor Edoardo Ferrari-Fontana (1878-1936), wat uitliep op een scheiding.
Ze zong 19 seizoenen aan de Metropolitan. In haar eerste seizoen zong ze 15 verschillende rollen in 12 opera's. In totaal speelde ze 31 rollen in 315 voorstellingen en gaf op 17 februari 1930 haar afscheidsconcert voor de Met.
1929: maakte succesvolle tournee door Nederland, Duitsland en Oostenrijk. Zong de altpartij van Das Lied von der Erde (Mahler) in New York o.l.v. Willem Mengelberg.
1931: zong in eerste concert-uitvoering van Oedipus Rex als Jocasta in New York
1936: speelde de rol van Madame Pomponi in de film Mr Deeds goes to town (Frank Capra).
1938: laatste concert in New York.
Margarete Matzenauer heeft ook lesgegeven: Blanche Thebom (1915-2010) was haar meest beroemde leerling.
Ze is 3x getrouwd geweest: met haar leraar Ernst Preuse, met de tenor Edoardo Ferrari-Fontana en met haar chauffeur Glotzbach.

Margarete Matzenbauer nam 12 titels op voor G&T (1906-1907), 14 titels voor Gramophone (1909-1912), 24 voor Victor (1912-1913; 1923-1926), 4 voor Columbia (1914-1915), 24 voor Edison (1915-1916), 3 voor Pathé (ca. 1921).
Over het algemeen komt haar stem minder goed uit de verf op haar plaatopnamen dan je, op basis van recensies van haar optredens, zou verwachten.


Richard Wagner - "Parsifal": 2e acte: Ich sah' das Kind    4:10
Margarete Matzenauer, alt (+ Victor Orchestra)
78t 30 cm: Victrola 88364   A11687-1
Opname Camden, N.J., 08-03-1912 

Download mp3

maandag 7 december 2015

Marcel Journet: Huguenots (HMV, 1915)

Marcel Journet als Klingsor (Parsifal)

Marcel Journet (Grasse, 25.07.1868 - Vittel, 07.09.1933): Franse bas, opgeleid vanaf 1889 aan het conservatorium in Parijs door Louis Obin en Seghettini. Debuteerde in 1891, zong met veel succes tot zijn dood in 1933.
1894-1895; 1899-1900; 1929-1930: veel succes in Théâtre de la Monnaie, Brussel. 
1897-1908 en 1928-1928: Covent Garden, Londen
1900-1908: Metropolitan Opera, New York
Terug in Frankrijk zong hij bij de Grand Opéra en de Opéra-Comique, Monte Carlo en de Scala Milaan.
Lees meer op Wikipedia.
Hij heeft veel opgenomen: in 1902-1903 is hij te horen op de beroemde Mapleson-wasrollen, live vanuit de Metropolitan; verder opnamen voor Columbia (1905), Victor (1905-1908; 1910-1912; 1916-1919; 1925-1926), Gramophone (1909), Pathé (1912) en HMV (1922-1924; 1927-1933).

Nu een "Advance Copy" wat de handelaren kregen voordat de plaat echt uitkwam, met een deels voorgedrukt label en in dit geval een stempel, 9 april 1915.
Het gaat om een Victor opname van 15 januari 1915, opgenomen in New York.
Mooi gezongen, Marcel heeft alleen wat moeite met de allerlaatste hele lage noot... Toch is er geen nieuwe take opgenomen. De plaat is veel gedraaid, en terecht.


Giacomo Meyerbeer - "Les Huguenots": D'un sacro zel l'ardore
(Bénédiction des poignards)    3:44
Marcel Journet, bas 
Metropolitan Opera Chorus; Victor Orchestra
HMV 2-032009   A11459-1
Opname New York, 15-01-1915

Download mp3

vrijdag 20 november 2015

Wallace: Maritana (Columbia, 1931)


Vincent Wallace (11.03.1812 - 12.10.1865): Iers componist en musicus. Als kind leerde hij viool, fagot, orgel en piano spelen. Op z'n 18e werd hij organist van de Rooms-Katholieke Kerk te Turles (County Tipperary) en gaf pianoles aan het Ursuline Convent. 
1831: trouwde met een leerling: Isabella Kelly. Hij werd Rooms Katholiek om die reden.
1835: hij emigreerde naar Australië
1836: opende de eerste Australische muziek-academie in Sydney
1838: hij scheidde van vrouw en kind en reisde vervolgens de hele wereld over: Nieuw Zeeland, India, Zuid-Amerika, Noord-Amerika.
1845: terugkeer naar Londen. Première van zijn eerste opera Maritana in Drury Lane met veel succes, later ook internationaal succes: in Dublin (1846), Philadelphia (1848), Wenen en New York (1854, 1857, 1865, 1868).
Meer opera's volgden: Matilda of Hungary (1847), Lurline (1847/60), The Amber Witch (1861) en The desert flower (1863). Ook componeerde hij veel voor piano.
1850: werd Amerikaans staatsburger, trouwde met de pianiste Hélène Stoepel (zuster van componist Robert Stoepel).
Hij was mede-oprichter van de New York Philharmonic Society.
In latere jaren werd hij vrijwel blind en stierf uiteindelijk in Château de Haget, Vieuzos (Pyreneeën) in 1865.


Sigaardoos met scène uit de opera

Maritana is een opera in 3 aktes, op een libretto van Edward Fitzball (1792-1873). In een notendop: een man wordt ter dood veroordeeld, tenzij hij trouwt met een (gesluierde) vrouw (zie scène hieronder). Hij ontsnapt en wordt, in vermomming, verliefd op de vrouw met wie hij al getrouwd is.
Deze uitgave in een mooi album met 6 25 cm 78t.platen laat de hoogtepunten uit de complete opera horen. De bas-aria's ontbreken. De totale opera duurt ca. 1:45. In principe is de volgorde van de opera aangehouden, alleen staat om onbegrijpelijke redenen op de laatste plaatkant niet de finale van de derde, maar van de tweede akte. Ik ben zo vrij geweest die naar de juiste plek te verplaatsen.

We horen een uitstekende cast met sterren als Miriam Licette, Heddle Nash en Dennis Noble. De relatief onbekende in de cast is de alt:

Clara Serena (Barossa Valley, 1890 - Adelaide, 1972): Australische alt. Eigenlijke naam: Klara Kleinschmidt. Zangstudie in Adelaide, zong daarna als concertzangeres in Australië. Ze trouwde in 1920 met de pianist Roy Mellish. Ze richtte zich op opera en had in de jaren '20 veel succes in Covent Garden als Dalilah (Samson et Dalilah, Saint-Saëns) en Amneris (Aïda, Verdi). Zong ook bij de National Opera Company, had haar grootste successen als concert- en oratoriumzangeres. In 1951 keerde ze terug naar Australië.


De huwelijksscène
Vincent Wallace - "Maritama"

Eerste acte:
01  't Is the harp in the air    3:12
       Miriam Licette, sopraan
       Columbia DB 8015   CA 11916   1931 08 28
02  The angelus    3:05
       Grand Opera Company  
       Columbia DB 8016   CA 11928   1931 09 02
03  Of fairy wand had I the power    3:27
       Miriam Licette, sop.; Dennis Noble, bar. 
       Columbia DB 8017   CA 11920-1   1931 08 31
04  Pretty Gitana    3:08
       Miriam Licette, sop.; Grand Opera Company  
       Columbia DB 8018   CA 11927   1931 09 02

Tweede acte:
05  Alas! Those chimes    3:13
       Clara Serena, alt 
       Columbia DB 8019   CA 11917-1   1931 08 28
06  Turn on, old time    3:11
       Clara Serena, alt; Dennis Noble, bar.; Heddle Nash, ten.
       Columbia DB 8020   CA 11921   1931 08 31
07  Yes! Let me like a soldier fall    2:46
       Heddle Nash, ten.
       Columbia DB 8020   CA 11931-1   1931 09 02
08  In happy moments day by day    2:38
       Dennis Noble, bar. 
       Columbia DB 8019   CA 11919-2   1931 08 31
09  There is a flower that bloometh    3:13
       Heddle Nash, ten.  
       Columbia DB 8018   CA 11929-2   1931 09 02
10  Finale: What mystery!    3:23
       Miriam Licette, Heddle Nash, Dennis Noble, Grand Opera Company
       Columbia DB 8015   CA 11926-1   1931 09 02

Derde acte:
11  Scenes that are brightest    2:57
       Miriam Licette, sop. 
       Columbia DB 8017   CA 11918-1   1931 08 28
12  Sainted mother    3:22
       Clara Serena, alt; Miriam Licette, sop.
       Columbia DB 8016   CA 11930   1931 09 02

78t 25 cm: Columbia DB 8015-1820 (6) automatische koppeling, in album
Miriam Licette (09.09.1885 - 11.08.1969), sopraan
Clara Serena (1890-1972), alt
Heddle Nash (14.06.1894 - 14.08 1961), tenor
Dennis Noble (25.09.1898 - 14.03.1966), bariton
Grand Opera Company
Clarence Raybould (28.06.1886 - 27.03.1972), dirigent
Totale tijd:   37:35

Download mp3

vrijdag 13 november 2015

Ebba Wilton: Donizetti (HMV, 1925)


Ebba Wilton (Rødvig, 13.12.1896 - Gentovte, 01.04.1951): Deense lyrische sopraan. Meisjesnaam: Ebba Pedersen. 
1922: trouwde met de tenor Einar Wilton (1888-1932).
1924: debuut als Koningin van de Nacht (Die Zauberflöte, Mozart) bij het Koninklijk Theater (Kopenhagen).
Zong ook Gilda (Rigoletto, Verdi) en Susanna (Le nozze di Figaro, Mozart) en trad op in operatheaters van Berlijn en Parijs.
1941: werd benoemd als Koninklijke Kamerzangeres
1949: nam afscheid na haar 25-jarig jubileum als zangeres.
Ze nam in de periode december 1924 - april 1928 ca. 28 uitgebrachte titels op.
We horen een akoestische opname uit april 1925.



Gaetano Donizetti - "La fille du Régiment":
1  Maria's farvel (Maria's vaarwel)    4:16
2  Sangen til det 21. Regiment (Het lied van het 21e Regiment)    3:02
Ebba Wilton, sopraan (+ orkest)
HMV M 97   2-083006/7   CT 1864-1/1865-2
Opname Kopenhagen, 23-04-1925

Download mp3

vrijdag 30 oktober 2015

Frieda Hempel: Rigoletto (Grammophon, 1910)


Frieda Hempel (Leipzig, 26.06.1885 - Berlijn, 07.10.1955): Duitse coloratuursopraan. Studeerde aan het conservatorium van Leipzig en in Berlijn (Stern'sches Konservatorium), bij Solma Nicklass-Kempner. 
Debuut in 1905 in Breslau.
1905-1907: Hoftheater Schwerin
1907-1912: Hofoper Berlin, op verzoek van Kaiser Wilhelm II.
1912-1919: Metropolitan. In 1913 zong ze in de eerste opvoering in Amerika van Der Rosenkavalier de rol van Marschallin (in 1911 had ze datzelfde in Berlijn gedaan).
1920-1921: Opera Chicago
Daarna een succesvolle carrière als concertzangeres. Met name haar "Jenny Lind concerten" werden beroemd, waarin ze in de kostuums van Jenny Lind, en met Lind's repertoire, tournees door Amerika maakte.
In 1955 verscheen haar autobiografie: "Mein Leben dem Gesang".
Ze maakte opnamen voor Odeon, HMV, Victor, Polydor en Edison.
Prachtige stem!


Giuseppe Verdi - "Rigoletto": Teurer Name (Caro nome)    4:06
Frieda Hempel, sopraan (+ orkest)
78t 30 cm: Grammophon 76035   043153   509s
Opname Berlijn, 21-09-1910

Download mp3

zondag 18 oktober 2015

Eduard Habich, Ivar Andresen: Lohengrin (Parlophone, 1927)


Eduard Habich (Kassel, 03.09.1880 - Berlijn, 15.03.1960): Duitse bariton. Studeerde aan het conservatorium van Frankfurt am Main, had daar les van Max Fleisch. 
1904: debuut in Stadttheater Koblenz
Zong daarna in de Stadttheaters van Posen, Halle en Düsseldorf
1910-1935: Hofoper Berlin
1911-1931: Bayreuth, glansrol: Alberich in de Ring-cyclus. Zong ook de rol van Klingsor (1912) en Kurwenal (1927) in Bayreuth.
1930-1932: Opera van Chicago
1935-1937: Metropolitan New York
Vestigde zich na zijn zangcarrière als pedagoog in Berlijn.

Ivar Andrésen (Kristiania, 27.07.1896 - Stockholm, 06.11.1940): Noorse bas. 
1919: debuut in Stockholm
1921-1926: Kungliga Teatern
1926-1931: Dresden Semperoper
1931-1935: Städtische Oper Berlin
1930-1932: Metropolitan Opera New York
1927-1931: Bayreuth Festival
1928-1931: Royal Opera House, Covent Garden
1935: Glyndebourne Festival



Richard Wagner - "Lohengrin":
1  Gott grüsses Euch    3:53
2  Mein Herr und Gott    4:05
Eduard Habich, bariton
Ivar Andrésen, bas
Parlophone E 10670   2-20401/2
Opname Berlijn, 13-10-1927

Download mp3

zondag 11 oktober 2015

Lucrezia Bori: Puccini, Mascagni, Yradier (HMV, 1914, 1915)


Lucrezia Bori (Valencia, 24.12.1887 - New York City, 14.05.1960): Spaanse lyrische sopraan, eigenlijke naam: Lucrecia Borja y González de Riancho. Ze studeerde in Milaan bij  Melchiorre Vidal, debuteerde in 1908 in Rome als Micaëla (Carmen). 
1910: viel in voor een zieke zangeres bij het bezoek van de Met aan Parijs als Manon (Manon Lescaut, Puccini).
1912-1915; 1919-1936: zong aan de Met in New York. In 1915 moest ze geopereerd worden om knobbels op haar stembanden te verwijderen. Het herstel duurde tot 1919. Ze trad 654x in de Met op en zong de hoofdrol in 39 opera's. Ze was met name beroemd om haar vertolkingen van Manon (Massenet), Mimi (La Bohème, Puccini), Fiora (L'amore dei trè rè, Montemezzi), Mélisande (Pelléas et Mélisande, Debussy) en Violetta (La Traviata, Verdi).
Vanaf 1932 was Lucrezia Bori zeer succesvol actief als fundraiser voor de Metropolitan, wat zeer nodig was als gevolg van de Depressie.
1936: afscheidsconcert van de Met.



1  Giacomo Puccini - "La Bohème": Mi chiamano Mimi    3:54
    + Francis J. Lapitino, harp
    78t 30 cm: HMV DB 152  2-053103   A14477-2
    Opname Camden, New Jersey, 12-02-1914 

2  Pietro Mascagni - "Iris": Un di al tempio    3:31
    Walter B. Rogers, dirigent    
    78t 30 cm: HMV DB 152  2-053120   A15824-2
    Opname Camden, New Jersey, 23-03-1915

3  Sebastiàn Yradier: La paloma    3:19

    78t 30 cm: HMV 2-063005   A14644-2
    Opname Camden, New Jersey, 27-03-1914

Download mp3

dinsdag 15 september 2015

Margaret Ritchie (HMV, 1947, 1949)

Glyndebourne 1946: vlnr kathleen Ferrier, Anna Pollak, Margaret Ritchie

Margaret Ritchie (Grimsby, 07.08.1903 - Ewelme, 07.02.1969): Engelse sopraan. Studeerde aan het Royal College of Music in Londen en bij Plunket Greene, Agnes Nicholls en Sir Henry Wood.
Ze was vooral bekend als concertzangeres, zong ook als eerste sopraan bij de Intimate Opera Company (opgericht door Frederick Woodhouse), die zich tot doel stelde kleinschalige operawerken ten gehore te brengen.
1944: Sadler's Wells Opera. Had succes als Dorabella (Cosi fan tutte).
1946-1947: zong bij de Glyndebourne Opera, creëerde de rol van Lucia in The rape of Lucretia (Benjamin Britten), waar ze samen zong met Kathleen Ferrier en Anna Pollak.
1947: English Opera Group. Creëerde de rol van Miss Wordsworth in de opera Albert Herring (Benjamin Britten), waar ze samen zong met Joan Cross, Peter Pears en Nancy Evans.



Margaret Ritchie, sopraan; Gerald Moore, piano:

    Franz Schubert: 
1  Der Hirt auf dem Felsen op.129 D.965    9:27
    + Reginald Kell, klarinet
    HMV C.3688   2EA.12399-2/12400-2
    Opname 10-10-1947

    Wolfgang Amadeus Mozart: 
2  Ridente la calma KV 152    4:08
3  An Chloë KV 524    2:45
    HMV C.3966   2EA.14302-1/14303-1
    Opname 23-11-1949



Download mp3

zondag 30 augustus 2015

Edna Thornton, alt (HMV, 1915, 1921)


Edna Thornton (Bradford, 1875 - Worthing, 15.07.1958 of 15.06.1964): Engelse alt. Studeerde bij Sir Charles Santley.
1899: debuut in Daly's Theatre, Londen. Volgens een bron zou ze bij haar debuut in Ib and little Christina gezongen hebben, maar die opera, naar een sprookje van Andersen, ging pas in 1901 in première, dus dat klopt niet.
1904: zong in een massale uitvoering van The dream of Gerontius met o.a. William Green en Frederic Austin en het 700 personen tellende Alexandra Palace Choir o.l.v. Allen Gill.
1905: zong Sea Pictures o.l.v. Elgar zelf
1905-1910; 1919-1923: Covent Garden
1908 en 1909: zong in de Ring cyclus o.l.v. Karl Richter, als Erda en Waltraute.
vanaf 1912: Tourde met het operagezelschap van de Ier Thomas Quinlan (o.a. door Canada); later maakte ze deel uit van het gezelschap van Sir Thomas Beecham en van de British National Opera Company.
1923: zong in de première van The perfect fool (Gustav Holst).
Tijdens de 2e wereldoorlog strandde ze in Canada, bij haar zuster, en deed vrijwilligerswerk voor het Canadese Rode Kruis, tot ze in 1945 weer naar Engeland kon.

Edna Thornton heeft opnamen gemaakt voor G&T (1903, 1907), Odeon (1907-1908) en Gramophone (1908-1924). Ook is ze hier nog in een HMV live-opname te horen uit 1926 o.l.v. Albert Coates.
Kijk voor andere opnamen van Edna Thornton op mijn blog rechts bij Labels, scroll naar beneden en klik op Thornton Edna en je komt bij de posts (m.n. 2 Gilbert & Sullivan opera's uit resp. 1919 en 1920).

Ik heb een akoestische plaat van Edna Thornton met een ster van barsten bij het etiket (zie scan), dus voordat de plaat het begeeft wil ik hem in ieder geval gedigitaliseerd hebben (D 282). Als toegift voeg ik een plaat toe met twee religieuze liederen.



1  Camille Saint-Saëns - "Samson et Delilah": Softly awakes my heart    4:23
    Opname Londen, 24-11-1921
2  Charles Gounod - "Faust": When all was young    3:04
    Opname Londen, 29-03-1915
Edna Thornton, alt
Orkest o.l.v. Arthur Godfrey
78t 30 cm: HMV D 282  (03408/03419)    Cc707-2 / Ho 726 ac

3  Lewis Carey: Nearer my God to Thee    3:50
    Opname Londen, 16-05-1915
4  Frederic Hymen Cowen: The better land    4:01
    Opname Londen, 24-11-1915
Edna Thornton, alt (+ piano en orgel)
78t 30 cm: HMV D 278  (03351/03573)  Ho 885 ac / HO 1285 ac

Download mp3

maandag 17 augustus 2015

Ben Davies, tenor (HMV, 1913)


Ben Davies (Pontardawe, 06.01.1858 - Bath, 28.01.1943): tenor uit Whales. Studeerde aan de Royal Academy of Music in Londen bij Alberto Randegger (1832-1911) en Signor Fiori. 
1881: debuut in The Bohemian girl (Michael Balfe).
Hij creëerde diverse rollen: 
als Gringoire in Esmeralda (Arthur Goring Thomas) in 1883; 
als Martin Bolder in Doris (Alfred Cellier) in 1889;
als Ralph Rodney in The Red Hussar (Edward Solomon) in 1889;
als Ivanhoe in Ivanhoe (Sir Arthur Sullivan) in 1891
als Clément Marot in La Basoche (André Messager) in de eerste Londense uitvoering in 1891
1887: zong de rol van Geoffrey Wilder in Dorothy (Alfred Cellier), een van zijn beroemdste rollen.
1892: debuut in Covent Garden in Faust (Gounod).
Behalve opera / operette was Ben Davies ook actief als concert- en oratoriumzanger, waarin hij o.m. zong met Adelina Patti (1893), Nellie Melba, Emma Albani (beide in 1894), Clara Butt (1902) en Edna Thornton (1911).

Ben Davies maakte opnamen voor G&T (1901-1903), Pathé (1903-1907), HMV (1913; 1923-1924), Columbia (1917; 1933). bij elkaar ca. 107 uitgebrachte titels.

Frederic Clay (03.08.1838 - 24.11.1889): Engels componist, schreef met name opera's/operettes en 2 cantates Hij was bevriend met componist Arthur Sullivan. 

Hieronder de tekst van het lied I'll sing thee songs of Araby, geschreven door de schrijver en schilder W.G. Wills (28.01.1828 - 13.12.1891):

I'll sing thee songs of Araby
And tales of fair Cashmere
Wild tales to cheat thee of a sigh
Or charm thee to a tear
And dreams of delight shall on thee break
And rainbow visions rise
And all my soul shall strive to wake
Sweet wonder in thine eyes
And all my soul shall strive to wake
Sweet wonder in thine eyes

Though those twin lakes, when wonder wakes
My raptured song shall sink
And as the diver dives for pearls
Bring tears, bright tears to their brink
And dreams of delight shall on thee break
And rainbow visions rise
And all my soul shall strive to wake
Sweet wonder in thine eyes
And all my soul shall strive to wake
Sweet wonder in thine eyes



Frederic Clay - W.G. Wills: I'll sing thee songs of Araby    3:07
Ben Davies, tenor (+ piano)
78t 30 cm: HMV 02477   z7383f
Opname Londen, 23-06-1913

Download mp3

dinsdag 11 augustus 2015

Aulikki Rautawaara: Grieg (Telefunken, 1935)


Aulikki Rautawaara (Vaasa, 02.05.1906 - Helsinki, 29.12.1990): Finse sopraan. Haar ouders hadden een muziekschool, haar vader was zanger en koordirigent, haar moeder pianiste. Zou aanvankelijk pianiste worden, maar ze verwondde haar vinger op jonge leeftijd. 
Beroemd om haar interpretaties van muziek van Grieg en Sibelius.
1922-1925: Conservatorium van Helsinki, zangles van Alexandra Ahnger
1927: debuut, daarna les bij Signe Liljeqvist (Kopenhagen)
1932-1933: Finse opera. Studeerde daarna bij Olga Eisner (Berlijn).
1935: trad op in de film Alles hört auf mein Kommando
1945: Sibelius droeg zijn compositie Hymne aan Thaïs aan haar op.
Zong in de eerste opera die op het Glyndebourne Festival werd opgevoerd in 1934 de rol van Hertogin Almaviva in Le Nozze de Figaro (Mozart) en kwam t/m 1938 regelmatig terug op dit festival.
Ook speelde ze in de jaren '30 in diverse Engelse en Duitse films.
Ze verscheen veel op Duitse en Oostenrijkse operapodia.
Aulikki Rautawaara is drie keer getrouwd geweest, de derde keer kort met componist Erik Bergman (1956-1958).

Voor Odeon heeft ze in 1930 5 plaatkanten opgenomen, w.o. 4 onder haar pseudoniem Terttu Raija, een pseudoniem dat ze gebruikte voor populaire liedjes.
Voor Telefunken heeft ze tussen 1934 en 1943 ca. 100 opnamen gemaakt, w.o. een aantal duetten met tenor Peter Anders. Daarna enkele opnamen voor de labels Rytmi (1944, 1946, 1952) en Parlophone (1948).


Edvard Grieg - "Peer Gynt": 
1  Solvejgs Wiegenlied    4:35
2  Solvejgs Lied    4:44
Aulikki Rautawaara, sopraan
Berliner Philharmoniker o.l.v. Hans Schmidt-Isserstedt
78t 30 cm: Telefunken E 1795   020549  /020550
Opname Berlijn, 13-02-1935

Download mp3

woensdag 5 augustus 2015

Louise Kirkby-Lunn 3: Händel; Gluck (HMV, 1911, 1915)


Louise Kirkby Lunn (Manchester, 08-11-1873 - St. John's Wood, 17-02-1930): Lees info over haar op Wikipedia. Enkele highlights: ze was een Engelse alt, opgeleid in Manchester en van 1890-1893 in the Royal Music College London bij Albert Vissetti. In Parijs studeerde ze bij Jacques Bouhy. Zong van 1901-1914 en van 1919-1922 in Covent Garden, en 1902-1903, 1906-1908 en 1912-1914 in de Metropolitan Opera. 
Ze zong ook oratoria en concertrepertoire: o.a. in The dream of Gerontius en Sea Pictures (Elgar). Ze trad veel op in Europa, en maakte in 1912 met de pianist William Murdoch een tournee door Australië en Nieuw-Zeeland.
Louise Kirkby Lunn nam op in de periode 1902-1923 voor de labels Pathé (ook wasrollen), Columbia en Gramophone (G&T, Predog, HMV).
Kijk rechts op mijn blog bij Labels, scroll naar beneden bij Kirkby Lunn Louise, en je vindt andere opnamen uit 1909 en 1911 van haar.
Nu twee overbekende aria's die deze alt natuurlijk ook op haar repertoire had staan.



Louise Kirkby Lunn, alt:

1  Georg Friedrich Händel - "Xerxes": Ombra mai fu (Rest)    3:03
    Stanley Roper, orgel; Percy Pitt, dirigent
    HMV 03272    z5669f
    Opname 31-10-1911

2  Christoph Williband von Gluck - "Orfeo": Che faro    4:00
    Percy Pitt, dirigent
    HMV 2-053121    HO 1222ac
    Opname 11-11-1915

Download mp3

dinsdag 28 juli 2015

Geraldine Farrar, Pasquale Amato - Carmen (Victor, 1915)

Cover van het tijdschrift "The Theatre", 1915

Geraldine Farrar (Melrose, Mass., 28.02.1882 - Ridgefield, Connecticut, 11.03.1967): Amerikaanse sopraan en film-actrice. Studeerde in Boston, trad al op op haar 14e. Studeerde bij Emma Thursby in New York en Parijs, en bij Francesco Graziani in Berlijn. 
1901-1903: zong aan de Hofoper Berlin, had les van Lilli Lehmann en waarschijnlijk een relatie met Kroonprins Wilhelm van Duitsland. 
1903-1906: Opera Monte-Carlo
1906-1922: Metropolitan Opera New York, zong 29 rollen in bijna 500 voorstellingen. Ze was erg populair bij veel jonge vrouwen, die "Gerry-flappers" werden genoemd.
In de periode 1915-1920 acteerde ze in 15 zwijgende films, w.o. Carmen (Cecil B. DeMille, 1915), Joan the Woman (Jeanne d'Arc, Cecil B. DeMille, 1916), Flame of the desert (Reginald Barker, 1919)
In 1922 trok ze zich terug uit de operawereld, gaf nog wel recitals tot 1931. 
Kijk op IMDB voor Geraldine Farrar's filmografie. 
Lees hier een e-book "Geraldine Farrar, the story of an American singer, by herself" (1916).
Van 1908-1915 had ze een affaire met dirigent Arturo Toscanini, die in 1915 naar Italië terugging omdat ze hem een ultimatum had gesteld om zijn vrouw te verlaten en met haar te trouwen. Van 1916-1923 was ze met de filmacteur Lou Tellegen gehuwd, die veel buitenechtelijke relaties had en in 1934 zelfmoord pleegde. 
Geraldine Farrar maakte veel plaatopnamen, voor G&T (1904-1906) en Victor (1907-1927).

Pasquale Amato (Napels, 21.03.1878 - Jackson Heights, 13.08.1942): Italiaanse bariton. Had les van Beniamino Carelli en Vincenzo Lombardo (die ook Enrico Caruso les gaf). Debuut 1900 in Napels. 
Toppunt van zijn roem beleefde hij in New York, waar hij van 1908-1921 in de Metropolitan zong en 445 keer optrad.
Hij nam platen op voor Fonotipia (1907; 1909), Victor (1911-1916), Columbia (1916-17) en Homocord (1924).
Lees meer over deze prachtige bariton op Wikipedia.


Opnamen van de film "Carmen" met Geraldine Farrar (1915)

Deze opname stamt dus uit hetzelfde jaar als de film "Carmen" van  Cecil B. DeMille, met Geraldine Farrar in de hoofdrol.

Georges Bizet - "Carmen": Si tu m'aimes, Carmen    3:40
Geraldine Farrar, sopraan; Pasquale Amato, bariton
Metropolitan Opera Chorus; Orkest o.l.v. Walter B. Rogers
78t 30 cm: Victor 89086   C16036-2
Opname Camden, New Jersey, 19-05-1915



Download mp3

zondag 28 juni 2015

Johanna Gadski 2: Wagner Tristan und Isolde (Victor)


Johanna Gadski (Anklam, 15.06.1872 - Berlijn, 22.02.1932): Duitse sopraan. Opgeleid in Stettin, door Anna Schröder-Chaloupha.
1889: Operadebuut in Kroll-Oper Berlijn (Der Freischütz, Weber).
1889-1890 en 1891-1892: Stadttheater Stettin
1890-1891: Stadttheater Mainz
1892-1893: Kroll-Oper Berlin
1893-1895: Stadttheater Bremen
1895: Tournee door Nederland
1895-1897: Noord-Amerikaanse tournee met Damrosch Opera Company
1896: Creëerde rol van Hester Prynne in The scarlet letter (Walter Damrosch, Boston)
1899: Bayreuth Festival
1899-1901; 1906: Covent Garden, Londen
1898-1904 en 1907-1917: Metropolitan Opera New York
1905-1906: Münchener Opernfestspiele; nam les bij Lilli Lehmann (m.n. Isolde)
1906 en 1910: Salzburger Festspiele
1917, tijdens de eerste wereldoorlog, kreeg ze ontslag van de Metropolitan, omdat Duitse opera's, dus ook de Duitse operasterren, geschrapt werden i.v.m. de 1e wereldoorlog. Bovendien kwam haar man, Hans Tauscher, een vertegenwoordiger van grote Duitse wapenfabrikanten, in opspraak.
1925: verkreeg Amerikaans staatsburgerschap
1929-1931: richtte de German Opera Company op, waarmee ze door Noord-Amerika tourde en hoofdzakelijk opera's van Richard Wagner ten gehore bracht.
In 1932 stierf ze in Berlijn aan de gevolgen van een auto-ongeluk.

Wat opnamen betreft zijn er 16 Mapleson wasrollen van haar gemaakt in 1903. In de periode 1903-1917 werden 94 opnamen uitgebracht op Victor.
Op Marston Records zijn de complete opnamen van Johanna Gadski beschikbaar, incl de Mapleson rollen.

Johanna Gadski heeft Isolde's Liebestod op Victor 3x uitgebracht, steeds als Victor 88058, n.l. opgenomen op: 
17-03-1907 (take 1)
23-10-1913 (take 3)
16-06-1915 (take 7).
Normaal moet je op de "spiegel" (het deel tussen groef en etiket) kunnen zien om welke take het gaat, maar die is op deze plaat helaas niet te zien (zie scan). Ik weet dus niet om welke opname het hier gaat. Als het om take 7 gaat, is Walter B. Rogers de dirigent.



Richard Wagner - "Tristan und Isolde": Isolde's Liebestod    4:04
Johanna Gadski, sopraan
78t 30 cm: Victor 88508   C-4319-?
Opname Camden, New Jersey 

Download mp3

zondag 21 juni 2015

Emmy Heckmann-Bettendorf: Wagner (Parlophon, 1921)


Emmy Bettendorf (Frankfurt am Main, 16.07.1895 - Berlijn, 20.10.1963): opgeleid in Frankfurt. Debuut in 1914 aan de Opera van Frankfurt am Main in "Das Nachtlager von Granada" (Conradin Kreutzer). 
1914-1916: Opera van Frankfurt am Main
1916-1920: Schwerin
1020-1924: Berliner Staatsoper
1924-1928: Städtische Oper Berlin
Gastrollen in Nederland, Madrid, Barcelona en Duitse operatheaters.
Na een ziekte in 1928 gaf ze haar operacarrière op, zong nog wel concerten tot 1934, maar zong met name voor de grammofoonplaat. Ze was een van de meest succesvolle plaatartiesten van de jaren '30 en nam meer dan 300 platen op voor de labels Polydor, Parlophon, Vox, Homocord en Odeon in de periode 1921-1933 en 1937.
1930: te zien in de film "Liebeswalzer".
Ze trouwde in 1931 en woonde sindsdien in Oostenrijk. Na de dood van haar man in 1938 moest ze vanwege financiële problemen opnieuw concerten geven. Ze zong tijdens de 2e wereldoorlog voor Duitse troepen in Polen, Rusland, Griekenland en Albanië. Van het verdiende geld hield ze een Fremdenpension in Garmisch. Dankzij een aanbeveling van de bas Michael Bohnen ging ze naar Berlijn om les te geven aan de Musikhochschule Berlin en aan het Kozervatorium Berlin (nu gefuseerd tot de Universität der Künste Berlin), wat ze deed tot 1952.

Ik weet eigenlijk niet of de naam Heckmann-Bettendorf betekent dat ze eerder getrouwd is geweest. Volgens de biografieën trouwde ze in 1931, maar waarom gebruikte ze dan eerder de naam Heckmann-Bettendorf? 



Richard Wagner - "Der fliegende Holländer": Senta Ballade    5:56
Emmy Heckmann-Bettendorf, sopraan
Koor + orkest Staatsoper Berlin o.l.v. Frieder Weissmann
78t 30 cm: Parlophon P.1297-I/II  5641/2
Opname Berlijn, 13-12-1921

Download mp3

vrijdag 12 juni 2015

Eduard Mörike, Emmy Bettendorf (Odeon, 1927)


Af en toe vind ik het aardig om overbekende platen te posten. Zoals deze twee bestsellers uit Duitsland: het kerkkoor uit de Cavalleria Rusticana en het koor uit de 2e acte van Aïda: Heil dir AegyptenDe platen zijn dan ook het tegendeel van zeldzaam. Toch prachtige opnamen voor die tijd, en goed gedirigeerd.

Op het label van de Verdi-plaat staat dat Emmy Bettendorf te horen zou moeten zijn als Aïda - ik hoor haar niet. Misschien stond ze achterin het koor - ze zal toch geen trompet gespeeld hebben... (grapje - die trompetten zijn overduidelijk te horen...). Het zal wel voor de bevordering van de verkoop geweest zijn dat haar naam op het label staat. 
Op de Cavalleria Rusticana is Emmy Bettendorf wel degelijk duidelijk te horen.

Eduard Mörike (Stuttgart, 26.08.1877 - Berlijn Charlottenburg 14.03.1929): Duitse pianist, componist en dirigent. Achterneef van de beroemde dichter Eduard Mörike. Opgeleid aan het conservatorium van Leipzig (leerling van Ruthardt, Piutti en Sitt). Won een compositieprijs voor een pianoconcert. Had daarna pianoles bij Alexander Siloti, een Russische pianist die les heeft gehad van Nicolai Rubinstein en Tchaikovsky. 
Dirigeerde in Kiel, Bayreuth (1906), Stettin, Halle. Op uitnodiging van Richard Strauss dirigeerde hij in Parijs diens opera Salome in 1907. 
1912-1924: dirigent bij de Deutsche Oper Berlin. Gaf ook les aan de Lessing Hochschule en trad als concertpianist op. 
1922-1923: tournee door Noord-Amerika als dirigent van de Wagner Opera Company
1924-1929: chefdirigent Dresdner Philharmonie.
1925-1929: hoofd Vocale Academie in Dresden
Vanaf 1919 nam hij platen op voor Parlophon en Odeon.
Kijk hier voor eerdere opnamen uit 1926 en 1928 op mijn blog 78 toeren klassiek.
En hier is een opname uit ca. 1921-1922 die ik eerder op deze blog gepost heb, met 2 aria's uit Tannhäuser, met Eduard Mörike als begeleider.



1  Pietro Mascagni - "Cavalleria Rusticana": Regina coeli, laetare    7:13
    Koor van de Staatsoper, Staatskapelle Berlijn, orgel o.l.v. Eduard Mörike
    Emmy Bettendorf, sopraan
    78t 30 cm: Odeon O-7528 a/b  xxB 7691 / 7692
    Opname Berlijn, 09-04-1927

2  Giuseppe Verdi - "Aïda": 2e acte: Heil dir Aegypten!    7:23
    Koor van de Staatsoper, Staatskapelle Berlijn, orgel o.l.v. Eduard Mörike
    Emmy Bettendorf, sopraan?
    78t 30 cm: Odeon O-8710 a/b  xxB 7693-2 / 7694
    Opname Berlijn, 09-04-1927

Download mp3