maandag 30 januari 2017

Begrafenis Enrico Caruso (1921)


Ik heb een merkwaardige 33t-plaat gevonden. Het blijkt een kopie te zijn van een Okeh-opname, opgenomen in Amerika op 23 augustus 1921, 3 weken na de dood van Enrico Caruso. 
De plaat is getiteld "Il funerati di Enrico Caruso a Napoli" en wordt uitgevoerd door Fercor and Company.
De plaat verscheen op Okeh 86001-A/B, matrijsnummers S-70113 / a/70114b.
Fercor is een pseudoniem van Ferruccio Corradetti (1866-1939), een Italiaanse bariton die les gaf in New York.

We horen dus zogenaamd een opname gemaakt tijdens de begrafenisdienst van Enrico Caruso in Napels. Op mijn label staat dat Titta Ruffo te horen is, maar Titta Ruffo heeft niet gezongen op de begrafenis van Enrico Caruso; Tenor Fernando de Lucia (1860-1925), die zich in 1917 had teruggetrokken van het concertpodium, zong wel. Op deze fake-plaat zingt Titta Ruffo ook niet. Mogelijk horen we de stem van Ferruccio Corradetti.

Enrico Caruso stierf op 2 augustus 1921 in Napels op 48-jarige leeftijd aan de gevolgen van het doorbreken van een subdiafragmatisch abces, wat weer buikvliesontsteking tot gevolg had. 
Koning Emmanuel III van Italië stelde de Koninklijke Basiliek van de San Francesco di Paola in Napels ter beschikking voor het opbaren van Enrico Caruso. 
Duizenden mensen bezochten de begrafenis. 
Zijn gebalsemd lichaam werd in een glazen sarcofaag op de Del Pianto begraafplaats in Napels opgesteld. Tenor Tito Schipa zorgde jaarlijks voor een nieuw kostuum.
In 1929 heeft zijn weduwe Dorothy Caruso zijn lichaam permanent verzegeld in een stenen graf.


In de San Francesco di Paola 

Korte filmopname van de begrafenis van Enrico Caruso.
Op Youtube is een derde deel van een biografie van Enrico Caruso te zien, wat gaat over zijn dood en begrafenis (kijk vanaf ca 10:00).


The funeral of Enrico Caruso    10:03
LP 33t Vocal Art


De originele Okeh-plaat (met dank aan JiHoon Suk)

Download mp3

vrijdag 20 januari 2017

Louise Kirkby Lunn 5 (HMV)


Deel 5 van opnamen van de Engelse alt Louise Kirkby Lunn, die ik graag wat extra aandacht geef. 

Louise Kirkby Lunn (Manchester, 08-11-1873 - St. John's Wood, 17-02-1930): 
Engelse alt, opgeleid in Manchester en van 1890-1893 in the Royal Music College London bij Albert Visetti. In Parijs studeerde ze bij Jacques Bouhy. 
Zong van 1901-1914 en van 1919-1922 in Covent Garden, Londen, en 1902-1903, 1906-1908 en 1912-1914 in de Metropolitan Opera, New York.
Louise zong ook oratoria en concertrepertoire: o.a. in The dream of Gerontius en Sea Pictures (Elgar). 
Ze trad veel op in Europa, en maakte in 1912 met de pianist William Murdoch een tournee door Australië en Nieuw-Zeeland.

Louise Kirkby Lunn nam op in de periode 1902-1923 voor de labels Pathé (ook wasrollen), Columbia en Gramophone (G&T, Predog, HMV).
Kijk rechts op mijn blog bij Labels, scroll naar beneden bij Kirkby Lunn Louise, en je vindt andere HMV-opnamen van haar.



Louise Kirkby Lunn, alt

1  Gounod - "Faust": When all was young    3:21
    Orkest o.l.v. Percy Pitt
    78t 30 cm: HMV 03257   HO 1223 ac
    Opname 11-11-1915

2  Mendelssohn - "Elijah": O rest in the Lord    3:36
    Orkest o.l.v. Percy Pitt
    78t 30 cm: HMV 03269   z 5668 f
    Opname 31-10-1911

3  Bizet - Agnus Dei    3:50
    Cello obbligato by W.H. Squire
    HMV 03356   AI 7615 f
    Opname 05-11-1913

donderdag 12 januari 2017

"Zang en Vriendschap" (Haarlem): Columbia, 1926


Het mannenkoor De Koninklijke Liedertafel "Zang en Vriendschap" (Haarlem) stond bij deze opnamen onder leiding van de Belg Lieven Duvosel (Gent, 14.12.1877 - Sint-Martens-Latem, 20.04.1956): componist en dirigent.

Lieven Duvosel was opgeleid aan de conservatoria van Gent en Antwerpen. 
1904-1908: studeerde in Parijs, o.a. orgel bij Charles Widor en compositie bij Gabriël Fauré. 
Duvosel was tijdens de eerste wereldoorlog een "Activist", een Vlaamse groepering die aansluiting zocht bij de Duitse bezetter. Na de eerste oorlog werd hij het land uitgezet.  
1918-1920: verbleef in Berlijn en kwam in contact met Richard Strauss en Arthur Nikisch, die ervoor zorgden dat enkele werken van Duvosel door de Berliner Philharmoniker werden uitgevoerd. 
1920-1940: verbleef in Nederland waar hij een aantal koren en orkesten dirigeerde, w.o. o.a. "Zang en Vriendschap". In 1940 keerde hij terug naar Vlaanderen. 
Hij componeerde talrijke liederen, symfonische werken en cantates. 
Zijn bekendste compositie is de "Leie-cyclus", geschreven tussen 1902-1923 (De Leie is een rivier in België en Noord-Frankrijk die o.m. door Gent stroomt).
Lieven Duvosel

De Koninklijke Liedertafel "Zang en Vriendschap" werd opgericht in 1830 en is het langst bestaande mannenkoor van Nederland. Ze bestaan nog steeds, heten nu "Koninklijk Haarlems Mannenkoor Zang en Vriendschap". 

Jacobus Gallus (Jacob Handl, Jacob Händl) (03.07.1550 - 18.07.1591): componist uit Slovenië. Hij componeerde Ecce Quomodo Moritur, en niet Georg Friedrich Händel, zoals op het label gesuggereerd wordt. Händel gebruikte deze compositie wel als een van de onderdelen voor zijn The ways of Zion do mourn, een funeral anthem voor Queen Caroline, die stierf in 1737.




Richard Hol (Amsterdam, 23.07.1825 - Utrecht, 14.05.1904): Nederlands componist, dirigent en docent. Bekleedde tot 1862 een aantal functies in Amsterdam, verhuisde daarna naar Utrecht, was ook actief in Den Haag. Hij zorgde ervoor dat Robert en Clara Schumann, Johannes Brahms, Joseph Joachim en Carl Tausig in Utrecht optraden. 
Johan Wagenaar en Catharina van Rennes hebben les van hem gehad.
Hol componeerde o.m. 2 opera's, 4 symfonieën, een oratorium, liederen, orgel- en pianomuziek. "In een blauw geruite kiel",  "Waar de blanke top der duinen" en "De paden op, de lanen in" waren beroemde liedjes van hem.

Ik heb de snelheden niet gecorrigeerd: alles is op 78 toeren afgespeeld. Ik heb geprobeerd de eerste track op de juiste toonhoogte af te spelen, maar vind dan dat het koor onnatuurlijker gaat klinken. Enfin. Oordeel zelf.



Koninklijke Liedertafel "Zang en Vriendschap" o.l.v. Lieven Duvosel:

1  Felix Mendelssohn: Beati Mortui    3:43
2  Georg Friedrich Händel: Ecce Quomodo Moritur    3:40
78t 30 cm: Columbia D 17155  (W)FX 87-2/88-1
Opname 08-04-1926 (1); 10-04-1926 (2)

3  Richard Hol: De rots in zee    5:48

78t 30 cm: Columbia D 17156  (W)FX 98/99
Opname 10-04-1926

Download mp3

woensdag 4 januari 2017

Dino Borgioli: Columbia (akoestisch)


Dino Borgioli (Florence, 15.02.1891 - Florence, 12.09.1960): Italiaanse lyrische tenor. Studeerde bij Eugenio Giachetti.
1914: debuut als Arturo (I Puritani, Bellini) in het Teatro Corso, Milaan.
1918: debuut in La Scala, Milaan, als Ernesto (Don Pasquale, Donizetti).
1924: eerste tenor in de Melba-Williamson Grand Opera Tour door Australië, met Nellie Melba.
Hij zong verder in Londen, Glyndebourne Festival, Parijs (zowel de Grand Opéra als de Opéra-Comique), Brussel, Berlijn, Argentinië (Teatro Colón), Salzburger Festspiele (1931, 1935-36), San Francisco (1932, zong Tosca samen met Claudia Muzio), Chicago (1933), Metropolitan New York (1934).
1939: vestigde zich in Londen.
1946: nam afscheid van het podium.
1946-1948: werd directeur m.b.t. vocale studies aan de New Opera Company, Londen, waar hij opvoeringen leidde van de Barbiere di Siviglia en La Bohème
Hij was getrouwd met de Australische sopraan Patricia Moore.
Helaas bleef hij wat in de schaduw van Tito Schipa. Maar wat een prachtige stem!

Dino Borgioli heeft tussen ca. 1922 - 1935 opnamen gemaakt voor Columbia, w.o. twee complete opera's: Rigoletto (1928) en Il Barbiere di Siviglia (1929), beide o.l.v. Lorenzo Molajoli en beide met Rosetta Pampanini, sopraan en Riccardo Stracciari, bariton.

We horen twee 25 cm akoestisch opgenomen Columbia's. De stem is buitengewoon helder opgenomen. De opnamedata zijn vermoedelijk 1922 en 1923.



Dino Borgioli, tenor:

1  Bellini - "La Sonnambula": Prendi l'anel ti dono    2:42
2  Gounod - "Faust": Salve dimora    3:25
78t 25 cm: Columbia D 5037   70743 / B 18

3  Buzzi-Peccia: Lolita    3:31
4  Toselli: Rimpianto    2:40
78t 25 cm: Columbia CQ 694   B 906 / B 907

Download mp3